PFZW

Interview

"De sfeer is anders dan tijdens de eerste coronagolf"

Thessa Blotenburg (23) is senior verpleegkundige in Meander Medisch Centrum. Ze vertelt hoe zij tegen de tweede coronagolf aankijkt en welke impact dit heeft op haar en haar collega’s. “Veel verpleegkundigen zijn nog moe van de eerste golf.”

Normaal gesproken werkt Thessa op de afdelingen traumatologie en gynaecologie, maar tijdens de eerste coronagolf sprong ze bij op de COVID-afdeling van het ziekenhuis. Ook nu staat ze stand-by en draaide ze al een dienst op de cohortafdeling. Hier worden mensen met corona (of van wie vermoed wordt dat ze corona hebben) gescheiden van andere patiënten behandeld.

Onverminderde inzet

Applaus, spontane bedankacties, een bonus: tijdens de eerste coronagolf kreeg zorgpersoneel grote waardering voor hun werk en inzet. Amper een maand nadat de reguliere zorg volledig was opgestart, nam het aantal besmettingen weer in rap tempo toe. Wat voor impact heeft dit? Thessa: “Tijdens de eerste golf overheerste het gevoel dat ik iets kon betekenen voor mensen. Dat was mooi. Toch was ik blij toen ik met mijn vaste team weer op onze eigen afdeling kon werken. Het is fijn om rust en overzicht te hebben en je collega’s weer te zien. Helaas was dit van korte duur: voordat iedereen goed en wel was bijgekomen, belandden we in de tweede golf. Natuurlijk zetten we ons onverminderd in voor COVID-patiënten. Maar de sfeer is anders.”

Voordat iedereen goed en wel was bijgekomen, belandden we in de tweede golf.

Continu schakelen

Waar iedereen nog fris was in het begin, eisten maanden hard werken bij veel zorgmedewerkers hun tol. Was de zomerperiode met minder gevallen voldoende om de batterij weer op te laden? Thessa: “Ik ben zelf gelukkig goed bijgekomen, maar dat geldt niet voor iedereen. Veel collega’s zijn nog moe. Ik merk vooral dat hetzelfde werk me meer energie kost. Door afschaling van de reguliere zorg en de verhuizing van bedden, moeten we elke dag schakelen naar een nieuwe werksituatie. Dat is zwaar.

Het is wel prettig dat we nu meer weten over de ziekte en het verloop ervan. Daardoor kun je mensen beter informeren. Ook heeft het ziekenhuis de afgelopen maanden duidelijke protocollen en richtlijnen opgesteld. Het is fijn om die te kunnen volgen. Verder zijn we als verpleegkundigen overal handiger in geworden. Een paar maanden geleden duurde het bijvoorbeeld een week voordat we een nieuwe corona-afdeling klaar hadden staan. Nu klaren we die klus binnen 48 uur.”

Veel collega's zijn nog moe. Ik merk vooral dat hetzelfde werk me meer energie kost.

Kop in het zand

In maart was alles nieuw en pasten mensen zich snel aan. Nu vinden veel mensen het te lang duren en kunnen ze dit minder opbrengen. Hoe ervaart Thessa dit? Ze vertelt: “Ik heb van dichtbij gezien wat corona is en hoe ziek je ervan kan worden. Door mijn verhalen zijn de mensen om mij heen wel wat voorzichtiger. Maar als ik in de media zie dat mensen doorfeesten alsof er niks aan de hand is, begrijp ik niet hoe zij hun kop zo in het zand kunnen steken. Ik snap dat de maatregelen impact hebben. Dat zie ik ook bij vriendinnen die nog studeren. Zij missen een belangrijk onderdeel van hun studententijd: nieuwe contacten leggen, uitgaan, colleges volgen. Maar het virus gaat niet weg door het te negeren.”

Meer lezen?

In de nieuwste editie van magazine Goed Bezig gaat Thessa in gesprek met Fien Vermeulen. Samen strijden tegen een ziekte is herkenbaar voor de radio-dj en presentatrice; zij kreeg op haar 21e de diagnose lymfklierkanker.

Lees het interview

Misschien vind je dit ook leuk: